banner

Antroposofie

Wanneer een kindje geboren wordt besef ik dat dit wezen een bewuste keuze voor deze moeder en deze vader heeft gemaakt. Het is niet toevallig dat hij daar beland, het is heel doelgericht precies daar geboren waar het wezen wil. En wij ook, als hulpverleners. Dit besef vervult mij met eerbied en verwondering.
Naast algemene vakkennis van de kraamzorg wordt de beroepshouding van een antroposofisch zorgverlener bepaald door waarden als eerbiedskrachten, verwonderingskrachten en ontvankelijkheid gepaard gaand met daadkracht, verantwoordelijkheid en bewustzijn. Vermogens die dagelijkse scholing vereisen.

Zorgvragers kunnen aan deze beroepshouding tegenstrijdige gevoelens ervaren, vrijheid maar ook moraliteit.

Onderstaande tekst kan je misschien iets van die ontvankelijkheid en verwondering laten zien.

 

Maria, een drievoudig geheim
Emil Bock
fragmenten blz. 15 t/m 22

"Want we kunnen ons in eerbied over de mogelijkheid blijven verbazen dat een mens van vlees en bloed een ander mens het leven schenkt. Dit heilige voorrecht van het vrouwelijke geslacht nemen we als vanzelfsprekend aan, maar het moederschap is een ongelooflijk groot wonder. Daarmee beschikt de mensheid nog van nature over een geschenk uit tijden toen zij met het goddelijke was verbonden.

De heiligheid die een zwangere vrouw omgeeft wordt nog steeds gevoeld, maar we weten hoe deze hoogachting tegenwoordig in een crises geraakt is. De mensheid heeft er moeite mee het heilige dat haar gegeven is te bewaren. Met de materialistische tijd is een wijze van denken opgekomen die vergissingen oplevert. Men denkt bijvoorbeeld dat een vrouw haar maagdelijkheid verliest als zij zwanger wordt of gemeenschap met een man heeft. Daardoor is men er blind voor dat er nog veel moeders zijn die, ook al hebben zij kinderen gebaard, hun maagdelijkheid niet volledig hebben verloren.

Anderzijds leven er ontelbare vrouwen op aarde die niet getrouwd zijn, die misschien ook geen omgang met een man hebben gehad, maar niettemin hun maagdelijkheid hebben verloren. Er zijn op dit terrein heel onbeholpen, grof-materialistische voorstellingen ontstaan, en deze voorstellingen zijn er debet aan dat ook het Mariamysterie in zijn alomtegenwoordigheid niet meer te vinden is. Desondanks werkt het Mariamysterie, voor zover het uit het verleden voorkomt, nog steeds door in het wezen van de vrouwelijke mensen van tegenwoordig.

Wat is dat? Een vrouw is anders geïncarneerd dan een man. De vrouw is met het eigen spirituele wezen, - dat deel uitmaakt van de geestelijke wereld in het algemeen – op een andere manier verbonden dan de man. Een vrouw is door de bouw van haar structuur ertoe genoodzaakt het spirituele als het ware boven zich te ervaren. Daardoor heeft zij een verbinding met ´boven´. Wat dit betreft hebben echter veel vrouwen van tegenwoordig zich al met succes óntvrouwelijkt; maar daarover zullen we het hier niet hebben.

(. . .)

Met de vergissingen die afkomstig zijn uit een misverstaan van de bijbelse scheppingsgeschiedenis, zoals we die beschreven hebben, hangt ten nauwste samen dat men tegenwoordig ook onder ‘ontvangenis’ iets heel eenzijdigs verstaat. Tegenwoordig verstaat men eigenlijk onder conceptie de geslachtelijke vereniging, het moment waarop het allereerste begin van het moeder-worden intreedt. Maar dat raakt de ware toedracht niet. Dit is slechts een bijkomend verschijnsel dat als het ware de natuur een handje moet helpen, omdat onze menselijke natuur al sinds duizenden jaren op weg naar de steriliteit is.

Wat ontvangt een vrouw die moeder wordt? Zij ontvangt een geest-zielenwezen. Het zweeft boven haar. Het komt op haar toe en neemt woning in de lichamelijkheid die zich in haar schoot voorbereidt. Dit kan men terecht onder ontvangenis verstaan. Daaraan gaat wel een soort lichamelijk voorstadium in zuiver fysieke processen vooraf dat ongeveer 18 dagen duurt; dan pas treedt de eigenlijke ontvangenis in. Dan verbindt zich met de kiem in het moederlichaam namelijk het geest-zielenwezen dat als kind ter wereld wil komen.

In oude tijden, waarin de mensen over het algemeen nog het bovenzinnelijke schouwden, namen zij ook nog waar, wanneer een geest-zielenwezen onderweg was om te incarneren. En in het bijzonder nam de vrouw dit waar die het ontvangen moest. Toen was zo’n onbeholpen, ja kortzichtige begripsvorming ten aanzien van deze processen, zoals we die nu hebben, ondenkbaar. Juist op dit punt is door de materialistische denkwijze reeds grote schade teweeggebracht, omdat die de accenten op dingen heeft gelegd die slechts bijverschijnselen zijn. Het eigenlijke gebeuren heeft men daarbij uit het oog verloren. Maar juist dit gebeuren moet men weer duidelijk zien, wanneer men tenminste het Mariageheim wil begrijpen.

De ontvangenis waardoor een vrouw moeder wordt, is in principe niets anders dan de gebeurtenis van het ontvangen, waardoor zij in de begintijden van de mensheidsontwikkeling tot draagster van de geest werd. Het spirituele kwam op de mensen af en de vrouwelijke mens – de Eva van voor de zondeval – was in staat dat te ontvangen. Daarom kan ook in de oudtestamentische mythe Eva het bovenzinnelijke wezen, dat verleiden en bekoren wil, waarnemen en zijn stem horen.

Adam kon deze stem niet horen. Daarin had Eva een voorsprong. Het feit dat de vrouwelijke mens kan ontvangen, slaat zowel op het geestelijke als zodanig – dat is een kenproces – als op het geest–zielenwezen dat dieper in het menselijke wezen binnentrekt en dan bezit neemt van het embryo dat zich in de moederschool bevindt.

Tussen de processen van baren en kennen bestaat derhalve een heel directe verwantschap; daarom ook worden in het oude spraakgebruik nog zulke uitdrukkingen als ‘bekennen’ voor ‘verwekken’ gebruikt."

Geborgen Verzorgen
Maria Bom
Jacques Dutilhweg 120
3065KA Rotterdam

Telefoon: 06 – 17 282 146
E-mail: mariabom@geborgenverzorgen.nl

Erkenningen & accreditaties

Contact

Kraamzorg Geborgen Verzorgen
Maria Bom
Jacques Dutilhweg 120
3065KA Rotterdam

Telefoon:
06 – 17 282 146
010-2022390

E-mail: mariabom@geborgenverzorgen.nl

Maria-portret-new